Wie al een tijdje in de IT-sector werkt, kent het verhaal. Tot eind 2022 was het fiscaal gunstregime voor auteursrechten een populaire en legale manier om IT-professionals netto meer te laten overhouden van hun vergoeding. Ontwikkelaars, analisten en andere digitale profielen konden een deel van hun inkomen laten kwalificeren als auteursrechtvergoeding, belast aan slechts 15% in plaats van de gebruikelijke personenbelasting die al snel oploopt tot meer dan 50%.
Tot de federale overheid eind 2022 de rem introk.
De uitsluiting van IT-beroepen was geen toeval. De wetgever was van oordeel dat het regime te ruim werd toegepast: bedrijven zagen auteursrechten al te graag als een louter fiscaal instrument, los van enige echte creatieve prestatie. Vanaf 1 januari 2023 werden computerprogramma’s en aanverwante IT-prestaties buiten het toepassingsgebied geplaatst.
De sector was het hier niet mee eens en stapte naar het Grondwettelijk Hof. Tevergeefs: het Hof bevestigde in 2024 dat het niet discriminerend was om één beroepsgroep uit te sluiten van het auteursrechtenregime. Een bittere pil voor duizenden IT-professionals en hun werkgevers.
De druk vanuit de sector bleef, en die werkte. In het Zomerakkoord van juli 2025 werd de herinvoering aangekondigd, en het nieuwe wetsontwerp voorziet dat digitale beroepen vanaf 2026 opnieuw toegang krijgen tot het stelsel.
Het wetsontwerp van 17 december 2025 bepaalt dat computerprogramma’s vanaf 2026 opnieuw onder het toepassingsgebied van het auteursrechtelijke belastingstelsel vallen, met als doel een logischere en duidelijkere afbakening.
Concreet betekent dit: bedragen ontvangen voor de overdracht of licentie van auteursrechten worden, onder bepaalde voorwaarden, gekwalificeerd als roerende inkomsten in plaats van beroepsinkomsten, en belast aan een gunstig tarief tot een plafond van €77.220.
Het regime kent wel zijn grenzen. Het percentage van de vergoeding dat als auteursrechten wordt toegekend, moet gerechtvaardigd en gedocumenteerd worden, en is beperkt tot 30% van de totale vergoeding. Het vierjarig gemiddelde van de bruto-inkomsten uit auteursrechten mag bovendien €37.500 (geïndexeerd) niet overschrijden.
Boekhoudkantoren zoals Carl Van Gestel voorzien dan ook al provisies voor hun IT-klanten, in afwachting van de definitieve stemming. Een verstandige voorzorg — want wie vroeg start met de voorbereiding (overeenkomsten, documentatie, onderbouwing van de creatieve prestaties), staat straks sterker.
Hier wordt het interessant — en hier ligt ook een grote kans die nog onvoldoende belicht wordt.
De gangbare aanname is dat het regime enkel voor de effectieve creator geldt: de ontwikkelaar die code schrijft, de analist die technische documentatie opmaakt. En inderdaad, de wet focust op softwareontwikkelaars, functionele en technische analisten, maar ook specifieke profielen die effectief auteursrechtelijk beschermde werken creëren.
Maar een groeiende stem in de sector stelt een pertinente vraag: wat met de professionals die actief zijn in het voortraject van een IT-project? Denk aan:
Het argument is niet zonder grond. Het Grondwettelijk Hof heeft bevestigd dat enkel daadwerkelijk creatieve werken in aanmerking komen, wat een grondige analyse van de werkzaamheden impliceert. Maar “creatief werk” is breder dan alleen code. Een doordachte applicatiearchitectuur, een functioneel ontwerp of een technische specificatie voldoet perfect aan de criteria van originaliteit en creatieve inspanning die het auteursrecht vereist.
De sleutel zit in de onderbouwing: wat produceert iemand concreet, en kan men aantonen dat dit een originele, creatieve prestatie is die los staat van de louter uitvoerende taken?
De hamvraag luidt nu welke medewerkers en activiteiten in aanmerking komen. Een extra voorwaarde in de nieuwe wetgeving stelt dat er sprake moet zijn van “publieke mededeling” van het werk of “reproductie”. Hoe dat precies geĂŻnterpreteerd wordt voor intern gebruikte software of voor voortraject-documenten, zal de komende maanden duidelijker worden via rulings en rechtspraak.
Voor belastingplichtigen die een Voorafgaandelijke Beslissing (ruling) wensen aan te vragen, rijst de vraag of zij in de praktijk ook zullen kunnen teruggaan tot 1 januari 2026. Het zal van belang zijn om een sterk dossier op te stellen.
Voor consultants en leads die willen nagaan of hun prestaties kwalificeren, is het advies duidelijk: werk samen met een gespecialiseerde boekhouder of fiscalist, leg de creatieve bijdrage goed vast in een aparte overeenkomst, en documenteer wat je maakt — niet enkel wat je doet.
De financiĂ«le impact is reĂ«el. Een alleenstaande IT-consultant zonder kinderen met een bezoldiging van €50.000 kan via de 30/70-formule €21.428 als auteursrechten uitkeren, voor een bruto totaal van €71.428. Het effectieve belastingvoordeel ten opzichte van een volledig als beroepsinkomen belaste vergoeding loopt in die scenario’s op tot enkele duizenden euro’s netto per jaar.
Voor wie als zelfstandige of via een vennootschap werkt, is dit een van de meest interessante verloningsoptimalisaties die momenteel beschikbaar zijn — mits correct toegepast en gedocumenteerd.
De terugkeer van het auteursrechtenregime voor IT’ers is goed nieuws. De discussie over wie precies in aanmerking komt, is echter nog lang niet gesloten. Dat consultants, projectmanagers en technical leads met een creatieve bijdrage in het voortraject ook aanspraak zouden kunnen maken: het is een legitiem standpunt dat steeds meer bijval krijgt.
De wetgeving laat ruimte. De praktijk moet die ruimte invullen. En dat vraagt een proactieve aanpak: wie wacht tot alles 100% duidelijk is, mist mogelijk een jaar van fiscale optimalisatie.
Heeft u vragen over uw specifieke situatie? Contacteer ons — we bekijken graag samen of en hoe het auteursrechtenregime voor u van toepassing kan zijn.
Dit artikel is informatief van aard en vormt geen fiscaal of juridisch advies. De wetgeving is volop in beweging; raadpleeg steeds een specialist voor uw persoonlijke situatie.